Het aantal jaren beroepsverleden dat moet worden bewezen, is afhankelijk van de regeling brugpensioen die van toepassing is (m.a.w. wat er in de cao vermeld staat). Een goed beeld krijgt u via de overzichtstabel.

Om bruggepensioneerde te zijn in het voltijdse systeem , moet het vereiste beroepsverleden ook voltijds worden bewezen.


Wanneer moet het beroepsverleden worden bereikt?

In het geval er een opzeg werd betekend: het beroepsverleden moet worden bereikt op het einde van de eventueel verlengde vooropzeg.

Wanneer de overeenkomst verbroken werd mits het uitbetalen van een verbrekingsvergoeding moet het beroepsverleden worden bereikt op het einde van de overeenkomst, d.i. ten laatste de dag van de verbreking.


Wat wordt allemaal in aanmerking genomen?

Arbeids- en gelijkgestelde dagen

- De vergoede arbeidsdagen waarvoor inhoudingen sociale zekerheid werden verricht, met inbegrip voor de sector werkloosheid, en de daarmee gelijkgestelde dagen.

- De dagen verricht in het kader van een wedertewerkstellingsprogramma DAC, IBF, GECO, DSP, dienstenbanen (ongeacht het feit of de tewerkstelling meer of minder dan 24 maanden heeft geduurd).

- De dagen van tewerkstelling als gehandicapte in een beschutte werkplaats.

- De dagen van tewerkstelling als TWW.

- De dagen vergoed door het RIZIV (de “ziektedagen” vergoed door het RIZIV worden dus meegerekend indien zij gelegen zijn in een arbeidsperiode of in een werkloosheidsperiode), de vergoede dagen als gevolg van een arbeidsongeval, de afwezigheidsdagen met behoud van loon, de feestdagen, de inhaalrustdagen, de ziektedagen gedekt door het gewaarborgd loon,…), alsmede de carensdagen, de stakingsdagen, de dagen tijdelijke werkloosheid.

- De dagen volledige werkloosheid in geval van beroepsopleiding.

- De arbeidsperiodes als beroepsvrijwilliger bij het leger kunnen onder bepaalde voorwaarden worden geregulariseerd.

- De arbeidsperiodes als ambtenaar, waarvoor bijdragen voor de sociale zekerheid sector werkloosheid gestort werden krachtens de wet van 20.07.1991.

- De arbeidsperiodes in loondienst verricht in het buitenland door een werknemer met de Belgische nationaliteit.

- De arbeidsperiodes verricht door een werknemer van vreemde nationaliteit in het buitenland, die meegerekend mogen worden in toepassing van Europese of bilaterale verdragen.
- De arbeidsprestaties verricht in het kader van : een opleidingsprogramma georganiseerd door het paritair leercomité; een middenstandsleerovereenkomst; een overeenkomst voor socioprofessionele inschakeling, erkend door de Gemeenschappen of  Gewesten in het kader van secundair onderwijs met beperkt leerplan; de beroepsinlevingsovereenkomst; het stelsel van het leerlingwezen in de sectoren van de diamantnijverheid/handel en de zeevisserij (behoudens twee uitzonderingen).

- De arbeidsprestaties verricht in een overheidsdienst of in een onderwijsinstelling op voorwaarde dat de werknemer 20 jaar beroepsverleden als loontrekkende kan rechtvaardigen waarvan 5 jaar onmiddellijk voor de werkloosheidsaanvraag (behoudens drie uitzonderingen).

- de periodes van actieve dienst als dienstplichtige en als gewetensbezwaarde (behoudens twee uitzonderingen).

Naast de gelijkgestelde dagen in de werkloosheidsreglementering stelt het brugpensioenbesluit ook een aantal periodes van inactiviteit gelijk voor de berekening van de  beroepsloopbaan (o.a. dagen volledige werkloosheid, dagen loopbaanonderbreking/tijdskrediet al dan niet met uitkeringen, niet gewerkte uren deeltijdse tewerkstelling, volledige inactiviteit tussen of tijdens tewerkstelling). Deze gelijkstellingen zijn afhankelijk van het brugpensioenstelsel (vanaf welke leeftijd, welk beroepsverleden?). Deze materie is uitermate ingewikkeld!

Hoe de beroepsloopbaan bewijzen?

De beroepsloopbaan kan met alle rechtsmiddelen bewezen worden. De bewijslast ligt bij de bruggepensioneerde zelf. De werknemer moet bij de aanvraag voor brugpensioen steeds het individuele uittreksel van de pensioenrekening (een globaal loopbaanuittreksel) voegen. Dit kan aangevraagd worden bij de RVP.


Hoe wordt het beroepsverleden berekend?

Bij ononderbroken voltijdse tewerkstelling telt de RVA gemiddeld 78 arbeidsdagen per trimester. In de andere gevallen is het aantal in aanmerking genomen arbeidsdagen gelijk aan het aantal arbeidsdagen verricht tijdens de tewerkstelling, maal 6, en gedeeld door het gemiddeld wekelijks aantal arbeidsdagen. Voor de onvolledige maanden of de periodes deeltijdse tewerkstelling, gebeurt de berekening als volgt: gewerkte uren X 6 : aantal uren voltijds (= aantal dagen). Hou er ook rekening mee dat de RVA steeds afrondt naar boven. Bijv. indien er 30 jaar beroepsverleden vereist is, is het voldoende 9204 dagen te bewijzen (29,5 X 312 = 9204 dagen).

Een goede raad: laat bij twijfel je beroepsverleden vooraf uitrekenen door de dienst brugpensioen van je lokale werkloosheidsbureau!! Neem hiervoor contact op met je uitbetalingsinstelling. De aanvragen voor een berekening moeten immers via de uitbetalingsinstelling aan de RVA worden overgemaakt. Juiste werkwijze ...