Niet elke werkgever kan zijn werknemers op brugpensioen stellen. Hij moet immers vallen onder het toepassingsgebied van de wet van 5.12.1968 betreffende de paritaire comités en de collectieve arbeidsovereenkomsten.

Welke werkgevers mogen geen werknemers op brugpensioen stellen?


-
de federale Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten
- ongeacht hun juridische vorm (coöperatieve vennootschap,…), de intercommunales (die publiekrechtelijke rechtspersonen zijn
- de provincies, de gemeenten en de verenigingen van provincies en gemeenten
- de instellingen van het gemeenschapsonderwijs
- de instellingen van het vrije onderwijs, voor hun gesubsidieerd onderwijzend personeel.Het niet-gesubsidieerde personeel (bv. studiemeesters in een internaat) en de arbeiders kunnen op brugpensioen worden gesteld. Voor deze werknemers vallen de instellingen van het vrije onderwijs onder een paritair comité (nr. 225 en nr. 152)
- de openbare diensten (OCMW,…)
- de instellingen van openbaar nut (NWK, Muntschouwburg, VRT,…)
- de autonome overheidsbedrijven (de Post, NMBS, Belgacom, …)

Brugpensioen kan niet bij deze werkgevers, zelfs niet voor contractuele personeelsleden. De door deze werkgevers ontslagen oudere werknemers moet steeds het statuut van bruggepensioneerde geweigerd worden.

Uitzondering hierop is wanneer de werkgever onderworpen is aan een saneringsplan (de openbare instellingen die onderworpen zijn aan saneringsmaatregelen worden gelijkgesteld met ondernemingen in herstructurering; zij kunnen dus een collectieve overeenkomst sluiten die ontslagen oudere werknemers recht geeft op een aanvullende vergoeding).

Het is mogelijk dat de opgesomde diensten en instellingen hun contractuele personeelsleden ontslaan en daarbij een systeem voorzien dat gelijkaardig is aan het brugpensioen. De werknemer wordt ontslagen en ontvangt als aanvulling bij de gewone werkloosheidsuitkeringen een vergoeding betaald door de vroegere werkgever. Het statuut van gewone werkloze wordt toegekend en de vergoeding is in principe cumuleerbaar met de werkloosheidsuitkeringen.
Welke werkgevers mogen wel hun werknemers op brugpensioen stellen?

Alle andere werkgevers zijn betrokken bij het brugpensioen. D.w.z. dat zij de cao 17 en de sectorale CAO’s (gesloten in hun paritair (sub-)comité) moeten toepassen en dat zij cao’s kunnen sluiten binnen de onderneming.

Dit zijn:
- de commerciële vennootschappen die onder een paritair comité vallen
- de zelfstandigen die personeel tewerkstellen
- de VZW’s ongeacht het statuut van de stichters en leden van deze verenigingen
- de beschutte werkplaatsen
- de openbare diensten van privaatrecht (bv. het Rode Kruis)

Wat met de werkgevers die geen werkend paritair comité hebben?

Dit zijn bv. vakbonden, mutualiteiten, advokaten, gerechtsdeurwaarders …
Deze werkgevers moeten gebruik maken van cao 17, een bedrijfs-cao sluiten of zich aansluiten bij de nationale cao.

Wat met de vreemde werkgevers en ambassades?

Werkgevers gevestigd in het buitenland (zonder exploitatiezetel in België) kunnen onder bepaalde voorwaarden toepassing maken van cao nr. 17 en de sectorale cao's. Voor de ambassades kan cao 17 toegepast worden.